| Aantekeningen |
- Ook bekend als: Oude Jan Beyers van Voxdale
Geboren ?± 1375
Overleden Schouwen ?1 nov 1443?, ongeveer 68 jaar
Eigendom Leen van Albrecht Hertog van Beieren ?25 mrt 1400 Albrecht, Hertog ven Beieren, geeft aan Beyerline Poppen sone een gedeelte van het noordelijk en zuidelijk Boxdale (lees: Voxdale), gelegen in de duinen bij Haamstede, in leen
https://www.krommetje.nl/humo-gen/family.php?database=humo_&id=F6769&main_person=I13449
- http://bayards.biz/stamboom/pdf/stamboom_beijers_van_voxdale.pdf
Beijerssone van Voxdale - Beijaerts
Beijer - Beijerssone - beijers(s) - Baierts - Baijaerts - beyers - beyaerts - beijaerts
Het geslacht Beijers van Voxdale is afkomstig van Zeeland, en naar alle waarschijnlijkheid van het eiland Schouwen,
waar Voxdal een onbehuisde en onbewoonde duinvallei is, gelegen op een half uur ten zuidwesten van Haamstede.
Beijers is de vervorming of verkorting van Beijerssone, de zoon van Beijer. Beijer is een vadersnaam of voornaam die
nu niet meer in gebruik is.
Stamvader: Jan Beijerssone VAN VOXDAEL geboren in de Heerlijkheden Haamstede en Voxdal op Schouwen (ca. 1400).
M.b.t. Voxdael zijn er een aantal akten bekend, waarin ook Jan Beyerssone wordt vernoemd:
• Albrecht, Hertog ven Beieren, geeft aan Beyerline Poppen sone een gedeelte van het noordelijk en zuidelijk Boxdale (lees:
Voxdale), gelegen in de duinen bij Haamstede, in leen (25 maart 1400).
• Philips, Hertog van Bourgondie, verklaart dat Oude Jan Bayers'zone van Voxdol aan hem heeft opgedragen, ten behoeve van
Jonge Jen Beyers 'zone, zijn neef, het schoutambacht van Bewesterschelde en Beoosterschelde benevens landen, gelegen in de
duinen bij Haamstede, waarvoor de laatste leenhulde heeft gedaan (31 oktober 1444).
• Karel, hertog van Bourgondië, beleent Jan Jan Beyers ‘zoon van Boxdal (lees: Voxdale) met het schoutambacht van Bewesteren Beoosterschelde benevens met Voxdal, gelegen in de duinen bij Haamstede (14 maart 1469).
• Maximiliaan, Roomsch-koning, beleent Jan Boutius, kleinzoon van Jan Beyers'zone, met de heerlijkheid Vocxdal, gelegen in de
duinen bij Haamstede (22 december 1491).
In de eerste helft van de 15de eeuw vestigde het geslacht zich in Brabant. Jan Beyerssone van Voxdael en Mechteld
van Maelstede woonden namelijk vanaf ca. 1429 in Ossendrecht. Zij onderhielden er nauwe betrekkingen met vooraanstaande Antwerpse families en lieten vaak akten verlijden voor het Antwerps magistraat. Het paar was zeer welgesteld. Jan Beyerssone van Voxdael bezat samen met zijn vrouw te Ossendrecht, 89 gemeten landerijen, de plaatselijke
windmolen en verschillende tienden en cijnsen.
Vanuit Ossendrecht is het geslacht naar naburige dorpen uitgezwermd. In de eerste helft van de 16de eeuw is het te
Wuustwezel opgedaagd, waar er nu nog rechtstreekse afstammelingen wonen.
Het oude archief van Ossendrecht, althans dit van voor 1600, is grotendeels verloren gegaan. De gegevens over de
oudste generaties werden gevonden in de Antwerpse schepenregisters, terwijl de gegevens over de in Wuustwezel
gevestigde tak merendeels betrokken werden uit het archieffonds van deze gemeente, dat in het rijksarchief in
Antwerpen in bewaring is gegeven. Er zijn ook opzoekingen gedaan in de archieven van Breda, Roosendaal, Brecht,
Loenhout, Kalmthout, Essen. Er is ook met name veel informatie gevonden op het internet op verschillende genealogische sites en digitale registers.
Tot in de eerste jaren van de 17de eeuw behoorden de leden van het geslacht meestal tot de leidende klasse. Te
Wuustwezel werd vaak de functie van meier, schout of schepenklerk waargenomen, of werd het ambt van publiek
notaris en/of van procureur vervuld. Sommige leden van het geslacht Beijers van Voxdale hebben te Leuven gestudeerd. Vanaf het tweede kwart van de 17de eeuw zijn de afstammelingen meestal naar de landbouwersstand overgegaan, en hebben zich van toen af eenvoudig Beijers laten noemen, dit wil zeggen dat ze het lid van Voxdale, dat hun
voorouders aan hun naam hadden gevoegd, hebben weggelaten.
De naam wordt bovendien in de archiefteksten op verschillende manieren gespeld: Beijersse, Beijaerts, Beyaerts,
Baijaerts, Baeijaerts, Bijarts. Vanaf het einde der 18de eeuw, is in de tak uit Wuustwezel de schrijfwijze Beijers door
de meeste leden van het geslacht aangenomen en wordt die spelling in de volgende generaties aangehouden. Vrij
recent werden de letters ij vervangen door de Griekse y wat resulteert in de naam Beyers. De naam Beyers is op dit
moment verspreid over verschillende delen van België, met toch een sterke concentratie in de Noorderkempen.
Bij de tak die zich vestigde in Kalmthout en Huijbergen en later in Halsteren (Nederland) wordt de schrijfwijze
Beijaerts genoteerd.
|